Den Haag - Design en Overheid

Iedere stip hieronder staat voor een bezoeker van deze site.
De kleur en het geluid worden bepaald door je unieke ip-adres.

nieuwsbrief rss-feed twitter

Sorry, you need to install flash to see this content.

Halle 5 op Zeche Zollverein

Ideeën per sms naar Ed Annink

After talk

Susanne Lengyel en Max Bruinsma

Max Bruinsma en Klaus-Peter Bredschneider

Barbara Wendling (Stiftung Zollverein), Ed Annink en Max Bruinsma

Prominent aanwezig bij symposium Mehrwert in Essen

Prominent aanwezig bij symposium Mehrwert in Essen

28.09.2010

"Wie heeft er een idee over hoe Nederlandse en Duitse ontwerpers, industrie en overheid zouden kunnen samenwerken?" Hiermee begon Ed Annink, intendant Den Haag Design en Overheid 2010, de bijdrage van Design Den Haag aan het symposium 'Mehrwert, designing society' op 27 september op Cultureel erfgoed Zollverein in Essen, Duitsland.

200 Nederlandse en Duitse ontwerpers en vertegenwoordigers uit industrie en overheid waren op uitnodiging van de Initiative Deutscher Designverbände (iDD), een overkoepelende vereniging van Duitse design organisaties, bijelkaar gekomen om te luisteren naar en te praten over de meerwaarde van design. Hoe ziet deze meerwaarde er concreet uit? Welke methoden en werkprocessen brengen op een succesvolle manier de meerwaarde van design aan het licht? Stichting Design Den Haag leverde op verschillende manieren een bijdrage aan het programma, waardoor dit Duitse symposium een Nederlandse tint kreeg.

Het symposium werd geopend door Susanne Lengyel, voorzitter van de iDD, Harry Starren, voorzitter van DutchDFA, minister Harry Voigtsberger van Nordrhein Westfalen, en Werner Lippert, leider clustermanagement cultuur en creatieve economie in Nordrhein Westfalen. Ed Annink, intendant Den Haag Design en Overheid 2010, gaf een korte introductie op het project Den Haag Design en Overheid en lichtte de samenwerking tussen ontwerpers en lokale, regionale, nationale en internationale overheden toe.

Sprekers gedurende de rest van de ochtend waren achtereenvolgens:
Jan Teunen, hoogleraar bedrijfswetenschappen en internationaal bedrijfsadviseur; over strategieën voor de (bedrijfs) ontwikkeling van ontwerpers.
Stephan Bohle, strateeg; over de verantwoordelijkheid van ontwerpers in de huidige tijd van massaconsumptie, crises en uitputting van natuurlijke bronnen.
Michael Hardt, design consultant; over hoe ontwerpers op een positieve manier een bijdrage kunnen leveren aan de veranderingen die gaande zijn in de samenleving op sociaal en economisch gebied.
Timo de Rijk, curator Norm=Form en hoogleraar design cultures aan de VU Amsterdam; over standaardisatie en design.

Na de lezingen, een lunch en een rondleiding door de tentoonstelling Norm=Form in Halle 5, werden er in kleinere groepen vier workshops gegeven, elk geleid door een van de sprekers, en vonden korte, inspirerende presentaties plaats volgens het Pecha Kucha systeem (20 slides a 20 seconden, totaal 6.40 minuut per presentatie).

Aan het einde van de dag vond er in de nabijgelegen Halle 6 een after-talk plaats, georganiseerd door Design Den Haag. Zo'n 15 ideeën van Nederlanders en Duitsers waren per sms ingezonden. De confrontatie tussen Nederlandse en Duitse ontwerpers en Nederlands en Duits design bleek een interessant onderwerp; zowel de verschillen als de overeenkomsten. De bedenkers van de ideeën werden uitgenodigd om hun ideeën te toe te lichten en in debat te gaan met Max Bruinsma, hoofdredacteur van Items magazine en Klaus-Peter Bredschneider van Pure magazine. Met een hapje en een drankje gingen ongeveer 30 Duitsers en Nederlanders (ontwerpers, bedrijfsmanagers, strategen) op informele wijze met elkaar in gesprek. De onderwerpen varieerden van virtuele en werkelijke co-werkplekken voor Duitsers én Nederlanders, tot een samenwerking op het gebied van openbaar vervoer, tot de introductie van de merknaam 'DutGer' voor gezamenlijk Duits-nederlands ontwerp, tot de oproep meer humor (of zoals Max Bruinsma het liever noemde 'ironie') toe te passen in het Duits design.

De bijdrage van Design Den Haag aan het symposium werd mede mogelijk gemaakt door DutchDFA.